vrijdag 9 december 2011

Werken en zakelijk ontmoeten in MFA's



We werken tegenwoordig op een andere manier en op andere plaatsen. Het aantal flexwerkplekken in organisaties neemt gestaag toe, en voor de groeiende groep zelfstandig professionals worden nieuwe voorzieningen zoals netwerkkantoren gerealiseerd. Bijvoorbeelden zijn Igluu en  Seats2Meet, of in Deventer De Fabriek en Loods570.

Tegelijkertijd staan er in buurten en wijken diverse voorzieningen als wijkcentra, Brede Scholen en verenigingsgebouwen. Zou je ook in deze maatschappelijke voorzieningen kunnen werken? En zo ja, wat is daar dan voor nodig? Met deze vragen is het MFA-Lab gestart met het ontwikkeltraject “MFA’s & Het Nieuwe Werken (HNW)”.

Seats2Meet

Om een beter begrip te krijgen over HNW en de Nieuwe Werkers zijn de deelnemers van de ontwikkelgroep op werkbezoek geweest bij Seats2Meet (S2M) in Hoog Catherijne Utrecht. Vincent Ariëns (strategische communicatie S2M Holding) maakt duidelijk dat zijn bedrijf gericht is op de Knowmad: “a nomadic knowledge worker, that is, a creative, imaginative, and innovative person who can work with almost anybody, anytime and anywhere”. Meer specifiek mikt S2M op de zelfstandige professional, om het even of deze nu in loondienst werkt of een eigen bedrijf heeft. De trends laten volgens S2M zien dat deze groep de komende jaren fors gaat groeien. Zij hebben werkruimte en ontmoetingsruimte nodig.

Het businessmodel van S2M is relatief eenvoudig: zij verhuren stoelen per zaal. Het online verhuursysteem bepaalt hoeveel dat per uur kost, waarbij gebruik wordt gemaakt van ongeveer 35 indicatoren - het is een dynamisch agendasysteem. Grofweg betekent het dat het huren van een grote zaal voor weinig mensen en kort op de bijeenkomst zelf erg prijzig is. Het agendasysteem laat overigens ook alternatieven zien waaruit dan gekozen kan worden.

Zakelijk ontmoeten

De kracht van S2M zit in het (zakelijk) ontmoeten. In de Meetingspace kan iedereen gratis werken en elkaar ontmoeten, ook drinken en lunch is gratis. Maar voor wat hoort wat: van de bezoekers wordt verwacht dat zij onderling contact maken, informatie uitwisselen en tot co-creatie komen. Een groot deel van de S2M community neemt die boodschap serieus. In feite gaat het om iets terug doen richting S2M en de gemeenschap van zelfstandige professionals.

S2M heeft aan de andere kant geen apart budget voor communicatie en marketing, dat wordt uitsluitend gedaan door de S2M gemeenschap zelf, die hiervoor gebruik maken van sociale media als Twitter, Facebook en LinkedIn. De website van S2M bestaat voor 90% uit sociale informatie, met een klein stukje agendasysteem.
 
Het bedrijf wil in de nabije toekomst zijn dynamische agendasysteem gratis aanbieden voor alle bedrijven, organisaties en instellingen die gratis werkplekken beschikbaar stellen. Het doel van deze uitbreiding van het Workspace instrument is om meer zicht te krijgen op het aantal zelfstandig professionals en hun werklocaties. Om vervolgens deze meer mogelijkheden te bieden tot co-working en co-creatie. De presentatie van Vincent Ariëns vind je hier.

Iets2Meet

De komende maanden gaat de ontwikkelgroep “MFA’s & HNW” met de volgende vragen aan de slag.

De groep van Nieuwe Werkers is ook voor MFA’s interessant, bijvoorbeeld vanwege exploitatie overwegingen, maar wat weten we op dit moment van hen? Zijn er Nieuwe Werkers in de buurt of wijk met een ruimtevraag waar maatschappelijk vastgoed op in kan gaan? De ontwikkelgroep ontwikkelt een omgevingsscan en gebruikt die om daar achter te komen.

Voor de MFA’s zelf is het belangrijk om te achterhalen wat zij de Nieuwe Werkers eigenlijk te bieden hebben. Is de MFA er klaar voor? Welke soorten werkplekken zijn mogelijk, wat voor faciliteiten (bijvoorbeeld WIFI en koffie en thee)? Maar ook aspecten over bereikbaarheid, toegankelijkheid en betaalbaarheid worden onderzocht.

Een andere relevante vraag is die van de “magic mix”: iedere MFA heeft al bestaande huurders en bezoekers, hoe matcht dat met de Nieuwe Werkers? Is zakelijk ontmoeten te vergelijken met sociale cohesie van zzp-ers en traditionele gebruikers? Of gaat men voor co-creatie in de vorm van “iets2Meet” in de MFA, ondersteund door sociale media en eigen agendasysteem?

De aanpak van de ontwikkelgroep is praktisch, een aantal deelnemers is al gestart met het aanbieden van flexwerkplekken. Leren gebeurt ook door gewoon te doen. Ook deze ervaringen worden onderdeel van het eindresultaat, dat eind voorjaar 2012 gereed is.

Dit artikel is geschreven in opdracht van het MFA-Lab ten behoeve van het magazine Schooldomein. Interesse in de activiteiten van het MFA-Lab? Neem dan contact op met Marc van Leent of Nicole Huisman.

vrijdag 2 december 2011

Zelf doen! Buurtbeheerbedrijf Sluisdijkbuurt Den Helder

Donderdagmorgen 24 november - tijdens de LPB Locatiedagen 2011 in Den Helder bezochten we het Buurtbeheerbedrijf Sluisdijkbuurt. Een heerlijk werkbezoek, zelfbeheer door de bewoners steelt altijd mijn hart. 

De Sluisdijkbuurt ligt net achter de centrale winkelstraat Beatrixlaan die van station naar Rijkswerf Willemsoord loopt. En zo voelt het ook, net er achter. Langs de randen van het gebied zie je de achterkanten van winkels, maar in het buurtje zelf is geen bedrijvingheid meer, alleen hier en daar een fijne kroeg tussen de woningen.


Zelfbeheer

De volksbuurt telt ongeveer 1000 bewoners. In 2008 nam Andries Pruiksma het initiatief om, naar aanleiding van een leefbaarheidsenquete, samen met een groep bewoners het beheer en onderhoud van de openbare ruimte in eigen hand te nemen. Het bleek namelijk dat hoewel de waardering van de woonomgeving toendertijd vrij laag was, bewoners wel bereid waren om zelf te investeren. Activiteiten van het Buurtbeheerbedrijf nu zijn het groenonderhoud, straatborstelen, repareren en schoonhouden van het straatmeubilair en kolken, en het verwijderen van grafitti. Hiervoor is een convenant afgesloten met de gemeente, met vergoeding en enige faciliteiten.

Als Andries Pruiksma ons rondleidt, valt het op dat er in de openbare ruimte heel veel gedaan moet worden, want diverse plantenvakken en plantsoentjes lijken langere tijd niet onderhouden te zijn geweest. En met de passie en het enthousiasme van Andries en zijn mensen over hun buurt en hun werk weten we het - dit komt helemaal goed. Stapje voor stapje gaan deze mensen de openbare ruimte van de Sluisdijkbuurt heroveren.

De man met hart voor de buurt en de mensen

"Ik vind dat kinderen en jongeren moeten weten dat melk van de koe komt, en fruit van de bomen", zegt Andries als we een opnieuw ingericht plantsoentje bekijken met twee kersenbomen. De bewoners bepalen zelf wat er aangeplant wordt, maar enig besef van eetbare struiken en bomen wil hij hen wel bij brengen. Dat die braam zo'n woekeraar is en alweer boven de grond komt, dat is wel jammer.

In het pand Beatrixlaan 80 dat tijdelijk dient als opslag voor gereedschap en "kantine" (naast koffie worden we getrakteerd op lekkere gebakken vis, 's ochtends he) vertelt Andries waar het Buurtbeheerbedrijf zoal tegenaan loopt. Hij gelooft in de talenten en kwaliteiten van de mensen die meehelpen, ook als zij al langere tijd zonder werk zitten. Het werven en vasthouden van vrijwilligers blijkt een taaie klus. Begeleiden en trainen van de mensen die werken in het Buurtbeheerbedrijf is intensief, naast omgangsvormen en omgaan met eerdere werkervaringen gaat het ook om kennis van zaken wat betreft gereedschap en machines. En er moet binnenkort wel een accommodatie komen voor het "machinepark", het kost momenteel teveel tijd om de machines op de werklocaties te krijgen.

Relatiebeheer - de gemeente

Als Andries Pruiksma over de gemeente Den Helder praat, is hij wat voorzichtig. De LPB-ers vinden dat met het achterstallig groenonderhoud dat zij gezien hebben best een sterke onderhandeling mogelijk is met de gemeente. "Vind je dat een goede manier om de relatie op te bouwen" antwoordt Andries, "Ik praat met 1 ambtenaar die verantwoordelijk is voor dat buurtbeheer, die doet wat hij kan." En er zijn prestatiesafspraken gemaakt met de gemeente over de kwaliteit van de openbare ruimte in de Sluisdijkbuurt, daar worden de mensen wel op afgerekend.

Ontwikkelend beheren

Wat mij opviel is dat het Buurtbeheerbedrijf alleen beheert en onderhoudt, ofwel verbetert binnen de huidige groenstructuur. We stonden op de Sluisdijkstraat te kijken naar een zijstraatje met vier plantenbakken met betonnen bielsen, twee ervan met mooie grote bomen. Dat die bomen in plantvakken stonden was wel iets van vroeger, vond Andries, er groeit niets onder. Maar meer algemeen: zo'n ontwerp was twintig jaar geleden nog aantrekkelijk, de vier bakken maakten van het zijstraatje een woonerf. Ik vroeg Andries waarom de plantenbakken niet weggehaald worden, zodat er ruimte komt in het straatje. Is er voor de publieke ruimte in de Sluisdijkbuurt niet een soort toekomstbeeld, waarmee de beheeractiviteiten stap voor stap naar dat beeld toe werken. Voor Andries zit ontwikkelend beheren er nog niet in, hij is vooral bezig met het hier en nu voor het Buurtbeheerbedrijf.

Opgave voor de gemeente

Hier ligt volgens mij een kans voor zowel de gemeente Den Helder als het Buurtbeheerbedrijf. Je kunt beheren en in stand houden, en je kunt samen (!) werken naar een nog betere groenstructuur, volgens hedendaagse inzichten. Beheer van de openbare ruimte met ontwikkeling op termijn is een prima manier op stap voor stap tot verbetering van de buurt te komen. Natuurlijk met de ideeen en voorkeuren van de betrokken bewoners, maar ook met de kennis en ervaringen van de gemeentelijke ontwerp- en beheermensen.

Kenmerk van dit ontwikkelend beheren is de vervlechting van beleid (ontwerp) en uitvoering (beheer en onderhoud). Er wordt op dit moment in Nederland veel geoefend met zo'n aanpak, en voorbeelden zijn te vinden op de website van het KEI-centrum. Den Helder kan hier bij aansluiten en de activiteiten van het buurtbeheerbedrijf Sluisdijkbuurt van nog meer betekenis laten zijn. Voor alle duidelijkheid, ontwikkelend beheren is niet hetzelfde als het uitvoeren van een gedifferentieerd Beeldkwaliteitsplan voor de buurt, waarbij bewoners het kwaliteitsniveau kunnen verhogen door eigen inzet.

Burgerkracht en BZK

Vrijdagmiddag 25 november sprak ik na de workshop Burgerkracht Jornt van Zuylen van het Ministerie van BZK. Ook hij is op zoek naar meer burgerinitiatieven, ondermeer in zelfbeheer van de openbare ruimte. "Kun jij een lijstje maken waar bewoners dan zoal mee te maken hebben", vroeg hij mij. Want als dat met regels te maken heeft, dan wil BZK daar wel iets mee. Hierbij dat puntenlijstje, ofwel waar hebben bewoners die iets willen in de (groene) openbare ruimte mee te maken (niet uitputtend overigens):

- Onderhoud (snoeien) van bomen
- Afwatering en drainage
- Speeltoestellen (attractiebesluit)
- Verlichting en stroom in plantsoenen
- Gebruik gereedschap en machines
- Kabels en leidingen
- Plantkeuze en beeldkwaliteit
- Beheercontracten
- Representativiteit en continuiteit

Mijn ervaring is dat op de bovenstaande onderwerpen de gemeente (en andere overheden) op verschillende manieren beleid en handhaving daarvan hebben opgesteld. Deels vanwege aansprakelijkheidstelling, deels vanwege afspraken met andere stakeholders, en ook omdat er nu eenmaal beleid wordt gemaakt. Mensen zoals Andries Pruiksma en zijn Buurtbeheerbedrijf hebben iedere dag met deze "drempels" te maken. Alleen daarom al verdienen zij onze warme ondersteuning.