maandag 24 februari 2014

SAMEN DOEN – ZELFSTURING IN VENRAY

2014-02-14 14.44.21In Merselo werken inwoners, gemeente en aannemers samen aan de herinrichting van de straat Grootdorp. Gemeente Venray is sinds kort gestart met zelfsturing en het project Grootdorp Merselo is het eerste zelfsturingsplan dat gefaciliteerd wordt met gemeentelijk budget. Mits het dorp zelf ook bijdraagt, in de planvorming, met draagvlak, met eigen middelen en in de uitvoering. Zelfwerkzaamheid van burgers, daar is het Venray om te doen. En dat valt in goede aarde, zo blijkt in Merselo.
Voor Theo Zeger, de voorzitter van de dorpsraad Merselo, is zelfwerkzaamheid echter niet nieuw. Toen Theo nog voorzitter was van de voetbalvereniging werd het het beheer van het sportpark al uitgevoerd door de verenigingen zelf. In 2000 is het sportpark verder geprivatiseerd, met overdracht van het beheerbudget. De kantine is toen in erfpacht uitgegeven. De voetbalvereniging als grootste gebruiker nam het initiatief genomen om het geld bij elkaar te halen en afspraken te maken met de verschillende gebruikers. “We maakten 2 A4-tjes met afspraken. Om het nieuwe gebouw te realiseren hebben we zelf een aannemer gezocht die de ruwbouw deed.” Zelf voerden zij 4000 uur vrijwilligerswerk uit, waarbij voor de vrijwilligers een CAR verzekering afsloten werd. Elk vrijwilligersuur werd met €10, – gewaardeerd, want, zegt Zeger: “dat was nodig voor eventuele controles door de fiscus en de btw verrekening. Dus over zelfsturing? We deden natuurlijk van alles zelf al als samenleving.”
OLYMPUS DIGITAL CAMERAVoor de herinrichting van de straat Grootdorp komt echter iets meer kijken. De gemeente is juridisch eigenaar van de weg en door wetgeving ook wegbeheerder. Zij geeft niet zomaar de aanleg van een straat uit handen, ook vanwege kwesties als aansprakelijkheid. Ook het gemeentelijk aanbestedingstraject moet gevolgd worden, want het gaat om veel gemeentelijk geld. Hoe kan het aanbod van de inwoners van Merselo dan gebruikt worden om de straat opnieuw vorm te geven? Wat vindt de dorpsraad zelf dat zij kunnen bieden aan zelfwerkzaamheden? Hoe waardeert de gemeente dit?
Zeger vindt dat je wel een beetje slim het werk moet inschatten en dat je je eigen grenzen goed moet kennen. “Wij hebben vooraf besproken welke zelfwerkzaamheden ook echt door het dorp uitgevoerd konden worden. Dus de groenstructuur wel, de aanleg van wegen niet. Maar ook het beheer na oplevering gaan we niet doen, want we hebben er domweg niet de capaciteit voor.” In het oorspronkelijke zelfsturingsplan stond ook dat inwoners helpen met het opbreken en wegslopen van wegdelen, maar dat bleek vooral veel uren te zijn, terwijl het machinaal ook prima gedaan kon worden.
2013-12-10 12.52.59Na aanbesteding van het werk, waarbij de aannemer gekozen is die ook een goed samenwerkingsplan met de bewoners had, is er vanuit de dorpsraad een aparte werkgroep opgezet. De mensen in de werkgroep nemen deel aan de diverse bouwvergaderingen en hebben zo grote invloed hoe de werkzaamheden uitgevoerd worden. Maar zij sturen de aannemer niet zelf aan, de directievoering ligt bij de gemeente. Tijdens een bouwvergadering blijkt dat de gemeentelijk projectleider het aannemerswerk en het bewonerswerk goed gescheiden houdt. Anders is het voor hem onmogelijk om de aannemer te controleren en het werk goed (volgens kwaliteitseisen en veiligheidsoverwegingen) opgeleverd te krijgen.
Maar dat geldt ook voor de zelfwerkzaamheden van de inwoners. Het blijkt ook een hele klus te zijn om de twee soorten werkzaamheden goed op elkaar afgestemd te krijgen. Bewoners werken ook in het weekend of in de namiddag, niet precies de momenten dat professionals aan de slag zijn. Overigens is de herinrichting nog maar net gestart. Sven Niewerth (procesbegeleider) en John Drabbel (projectleider) vinden het jammer dat we nog nauwelijks iets kunnen zien van de zelfwerkzaamheden van het dorp. Want niet alleen de aannemer heeft twee maanden winterstop, ook de bewoners dachten dat er niet gewerkt kon worden. Alleen de calamiteitenploeg van de aannemer gebruikt deze zachte maanden om de inritten van de bewoners te straten.
2014-02-14 14.00.33Zelfsturing is voor de gemeente voorwaarden scheppen dat inwoners ook echt zelf de verantwoordelijkheden nemen bij het realiseren van projecten uit de dorpsontwikkelingsplannen. ”Weet je wat bijzonder is?” vraagt Theo Zeger. “Dat we als werkgroep plotsklaps ook alle bewonerscontacten kregen en zelf merkten dat onze inwoners zoveel minder op de hoogte zijn van wat er allemaal gaat gebeuren dan wijzelf zijn. Wij hebben de hele impact van het werk ook niet overzien en daardoor wat gemakkelijk zaken voor ‘normaal’ en ‘wel bekend’ aangenomen.” Maar daardoor hebben de betrokkenen wel alle persoonlijke aandacht gekregen en dat was ook prima. Gemeente, dorpsraad en aannemer verwachten voor de zomer klaar te zijn met de herinrichting.
In Straatbeeld 2014-1 verschijnt een uitgebreid artikel over het zelfsturingsplan Grootdorp Merselo. Ook tijdens de Week van de Openbare Ruimte (7 t/m 11 april te Putten) wordt op maandag 7 april tijdens de Participatiekamer het debat gevoerd over zelfwerkzaamheid bij infrastructurele projecten, met als voorbeeld Venray.

PAUZELANDSCHAP IN DE WACHT

2014-01-28 12.20.25Donderdagmiddag 13 februari houdt het Kennisinstituut voor Stedelijke Samenleving (KISS) een bijeenkomst in de oude Acacia school in Almelo over pauzelandschappen. Samen met Joost Okkema (OBL) ben ik erbij. Directe aanleiding voor mij is het wilde idee van twee kunstenaarvrienden Leo en Leny om in Sittard-Geleen een prachtige voormalige fabriekshal te gaan exploiteren. De Acacia school waar ik nu ben staat ook als pauzelandschap te boek. Wat is er sindsdien gebeurd en hoe bevalt het?
Kris Oosting van Stadmaker vertelt hoe het “Tussendoor” project de afgelopen twee jaar gelopen is. Uitgangspunt van Tussendoor is dat lege plekken opgevat worden als vrije ruimte voor de stad. Als kwartiermaker is hij aan de slag gegaan met diverse projecten en activiteiten, die met elkaar gemeen hebben (a) dat de plekken zelf weer ontdekt worden door de omwonenden, (b) dat tijdelijkheid strategisch ingezet wordt, (c) dat cultuur en culturele activiteiten nadrukkelijk een podium krijgen, en als laatste (d) dat verrommeling en verloedering actief wordt tegen gegaan.
2014-01-28 11.43.28Oosting deelt zijn bevindingen over eigenaarschap als drempel. Want niet alleen zijn grondeigenaren of vastgoedeigenaren huiverig voor tijdelijk gebruik vanwege kwesties als schade en aansprakelijkheid (zie hierover ook de publicatie Regel die Burgerinitiatief, online en als boek, elders op deze site). Ook blijkt er onvoldoende eigenaarschap te zijn bij de mensen die rond de lege plek in Almelo wonen. Dat laatste heeft twee aspecten: het gaat om aangeven wat er gedaan kan worden met zo’n tijdelijk terrein of gebouw en om er zelf ook actief aan mee te werken. Daar is nog veel verbetering mogelijk, denkt Oosting.
Kenmerkend voor de aanpak van Tussendoor is dat tijdelijkheid stiekem al de voorbode lijkt te zijn voor de definitieve herbestemde periode. Want je krijgt het gevoel dat het tijdelijk gebruik van de Acacia school het liefst vandaag nog eindigt, als er een nieuwe vaste gebruiker opduikt. Zo beschouwt is tijdelijk gebruik onzeker, onduidelijk en onredelijk. Alsof je kinderen het schoolplein opstuurt voor hun speelkwartier, dat meteen ophoudt als er een leraar gevonden is die weer les geeft. Dat staat eigen investeringen behoorlijk in de weg, zo vertelt Harmen Zijp van de War, een grass-root initiatief in een oude fabriek in Amersfoort. Hij en zijn mede-initiatiefnemers werken al meer dan 12 jaar met een tijdelijke overeenkomst, en als zij vooraf hadden geweten dat die periode meer dan 10 jaar zou zijn, hadden zij meer en uitgebreider werk kunnen leveren.
2014-01-28 11.38.20De War is bijzonder vanwege de compleet out-of-the-box benadering, met een FabLab zonder universiteitssteun, een eigen Universiteit omdat Amersfoort die wel kan gebruiken, praktische initiatieven zoals het Repaircafe, diverse onderzoekslijnen en heel veel kennis delen. Tegelijkertijd denkt Zijp aan de toekomst, want wat zou het niet mooi zijn om het terrein te herontwikkelen en zo een echte organische boast te geven aan de ontwikkeling van de stad. De kansen ziet hij in de deel-economie, de kracht en talenten van mensen, de behoefte aan een bijzondere plek. Zijn knelpunten zijn daarbij de boekwaarde, de bestemming, de verontreinigde gronden en zo meer.
Beide voorbeelden, in Almelo en Amersfoort, laten zien dat tijdelijk gebruik hier nog verder doordacht moet worden. Want woningcorporatie Beter Wonen die eigenaar is van de Acacia school zoekt vooral naar een aanvullende functie die de positie van de wijk en hun huurders ondersteunt. De echte vragen zijn volgens mij (a) wat de betekenis van het gebouw en terrein voor de lokale samenleving is, (b) hoe het geheel niet alleen bekostigd kan worden, maar ook hoe de school en de omgeving als productie-eenheid weg gezet kan worden, en (c) hoe de tijdelijkheid als een vaste periode bepaald kan worden, zodat er ruimte komt voor eigen investeringen. Anders blijft zo’n mooi tijdelijk initiatief vooral een aardigheidje in de stedelijke ontwikkeling. Dan staat zo’n pauzelandschap initiatief gewoon in de wacht.
2014-01-28 12.16.12De Phillips fabriekshal in Sittard-Geleen die Leo en Leny dolgraag willen gaan exploiteren heeft met dezelfde vragen te maken. Ofwel, wat betekent de hal en het terrein voor de bewoners en ondernemers van Sittard-Geleen? Wat is er mogelijk om geld te verdienen aan het gebouw, bijvoorbeeld omdat de lichtstraat perfect op het noorden ligt en de dichte dakdelen daarmee ideaal zijn voor zonnepanelen? Wil de huidige eigenaar een afgebakende periode afspreken om zo’n tijdelijk project een kans geven?
Een fijne zoektocht dus, voor L2 Ateliers en voor de trekkers in Almelo en Amersfoort. Gelukkig is er veel mogelijk gemaakt in wet- en regelgeving, dat met goede argumenten ook opgepakt kan worden door gemeenten en eigenaren. Joost Okkema, Maarten Bosman en ik gaan er mee aan de slag. Ondertussen organiseren de kunstenaars in het voorjaar 2014 weer het internationale art-event Kunzfetti in de hal. Zien is beleven, zou ik zeggen

BOEKPRESENTATIE EN DOSSIER BURGERPARTICIPATIE

PRESENTATIE BOEK “REGEL DIE BURGERINITIATIEVEN”

 7 MAART 2014 VAN 17:00 – 19:30 UUR
IN PAKHUIS DE ZWIJGER, AMSTERDAM

CIMG0074Op vrijdagmiddag 7 maart 2014 organiseert Acquire Publishing samen met Pakhuis de Zwijger de boekpresentatie “Regel die Burgerinitiatieven. Hoe gemeenten en maatschappelijke initiatieven in de openbare ruimte en in publiek toegankelijke gebouwen omgaan met aansprakelijkheid.” De boekpresentatie vindt plaats van 17:00 uur tot 19:30 uur in Pakhuis de Zwijger, Piet Heinkade 181 K, 1019 HC te Amsterdam. Als je bij de boekpresentatie aanwezig wilt zijn of als je interesse hebt in een exemplaar van het boek, dan kun je dat hier aangeven.
Het boek gaat over aansprakelijkheid, risico’s en situaties waar schade en claims op de loer liggen, voor de mensen die met hun eigen activiteit bezig zijn in de openbare ruimte of in gemeentelijke gebouwen, en voor de gemeenten. In 2013 hebben Maarten Bosman en ik gewerkt aan het onderzoek Burgerinitiatieven en Aansprakelijkheid in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken, met als hoofdvraag “Werkt aansprakelijkheid en alle zaken die daar mee te maken hebben nu wel of niet belemmerend voor burgerinitiatieven?” Aan het onderzoek hebben de gemeenten Den Helder, Deventer en Venray meegewerkt, evenals vijf expertorganisaties.
Wij constateren dat aansprakelijkheid in principe geen belemmering vormt, niet voor gemeenten en niet voor burgers. Wat wel werkt als een drempel is het geheel aan ‘regelwerk’ waarmee jij als initiatiefnemer geconfronteerd wordt, als je gewoon aan de slag wilt in het publiek domein. Dat betekent dat er op diverse manieren ruimte te maken is voor burgerinitiatieven en daar zouden gemeenten het initiatief toe mogen nemen. Zo kun je het boek beschouwen als het resultaat van ons onderzoek met aanbevelingen om zaken anders aan te pakken.
Rollecate Deventer BBQ aToen we het boek schreven, wilden we niet een saai boek over aansprakelijkheid maken. Met “Regel die Burgerinitiatieven” hopen we dan ook een goed leesbaar en helder boek geschreven te hebben, vol voorbeelden en achtergrondinformatie, met een duidelijke verhaallijn en handige tools voor risico-inschatting. Met Do It Yourself stellingen en vragen die waar of niet waar zijn, specifieke ‘Voer voor Juristen’ teksten en natuurlijk argumenten om met gemeenten in gesprek te gaan, als aansprakelijkheid aan de orde komt. Of omgekeerd, om met initiatiefnemers te praten. Want daar schort het volgens ons nog het meest aan, goed en zorgvuldig met elkaar in gesprek als het gaat over juridische zaken als aansprakelijkheid.
De boekpresentatie op 7 maart is voor ons dan ook de start van een uitgebreid vervolgtraject. Voor het Ministerie van Binnenlandse Zaken gaan we aan de slag met de aanbevelingen uit “Regel die Burgerinitiatieven” en daarvoor kunnen we je hulp goed gebruiken. Bijvoorbeeld bij de zoektocht naar eenvoudigere contracten en overeenkomsten. Of om samen met andere partijen in de setting van een leerkring te werken aan de Verordening Burgerinitiatieven. Misschien vind je ook dat het zelfbeheer van een wijkaccommodatie gemakkelijker gemaakt mag worden. Allemaal voorbeelden die op onze Agenda voor 2014 staan, om echt anders om te gaan met maatschappelijke initiatieven. Als je interesse hebt om daar actief aan deel te nemen, graag. Reageer door mij een email te sturen.
Kolenkitbuurt Amsterdam aHet is niet voor niets dat Acquire Publishing het boek “Regel die Burgerinitiatieven” uitgeeft. Voor deze uitgever werken Maarten Bosman en ik in 2014 aan het dossier Burgerparticipatie. Dat doen we door regionale bijeenkomsten te organiseren, informatie te delen online en in de vakbladen als Straatbeeld, Buitenspelen en Architectuur & Stedenbouw, en door samen te leren van goede en minder goede voorbeelden van burgerparticipatie. Want die Participatiesamenleving komt er niet vanzelf en we denken dat er nog veel te doen is voordat gemeenten, bedrijven en maatschappelijke organisaties echt ruimte geven aan burgers. Aan de slag! Doe je mee?

maandag 10 februari 2014

Aansprakelijkheid? Do It Yourself!

Regel die burgerinitiatieven  In 2013 zijn Maarten Bosman en ik druk geweest met het onderzoek naar aansprakelijkheid bij burgerinitiatieven, in opdracht van het Ministerie van BZK. In deze blog doe ik verslag van enkele belangrijke bevindingen en verwonderingen.
Centraal in ons onderzoek staat de vraag of en zo ja hoe aansprakelijkheid belemmerend werkt voor bottom up activiteiten. Om hier achter te komen hebben wij 67 burgerinitiatieven uit de gemeenten Den Helder, Deventer en Venray tegen het licht gehouden. Wij gebruikten hiervoor een invulschema waarmee ieder initiatief geanalyseerd is. Daarnaast hebben we interviewgesprekken gehouden en de relevante gemeentelijke procedures en beleidsnotities doorgewerkt.  De resultaten zijn besproken met de deelnemende gemeenten en expertorganisaties en vervolgens verder uitgediept in een aantal werksessies. Het geheel is opgeschreven in het rapport Regel die Burgerinitiatieven, dat met bijlagenboek en een overzicht met vervolgacties te downloaden is.
Aansprakelijkheid, schade en risico’s  Wat betekent het om aansprakelijk te zijn of aansprakelijk gesteld te worden? Aansprakelijkheid heeft alles met schade en dus met geld te maken. Schade betaal je of je hebt een verzekering die dat voor je doet. Uitgangspunt volgens het Burgerlijk Wetboek is dat iedereen in eerste instantie zijn of haar eigen schade “draagt”. Ofwel, als je iets kapot maakt dan ben je aansprakelijk voor de schade. Alleen in specifieke gevallen kun je iemand anders aansprakelijk stellen voor schade (of omgekeerd, kan iemand jou aansprakelijk stellen). Het eerste gaat over juridisch eigenaarschap. Als je eigenaar van een gebouw bent of van gronden, dan ben je risico-aansprakelijk. Als er iets gebeurt in jouw gebouw of op jouw grond, dan ben je meteen in beeld als er schade betaald moet worden.  Het tweede betreft zogenaamde wettelijke aansprakelijkheid. In de wet is een aantal situaties vastgelegd waarbij aansprakelijkheid geregeld is. Bijvoorbeeld dat ouders aansprakelijk zijn voor het gedrag van hun kinderen (tot 14 jaar). Of dat diereneigenaren aansprakelijk zijn voor hun huisdieren, paarden, ezels, koeien, enzovoort. Werkgevers zijn aansprakelijk voor het gedrag van werknemers. En zo nog een beperkt aantal bepalingen. Anders dan verantwoordelijkheid is aansprakelijkheid een gegeven, je kunt er niet voor kiezen, je bent aansprakelijk of niet. Maar je kunt er wel zo mee omgaan dat je de kans dat je ook daadwerkelijk betalen moet zo klein mogelijk maakt. Wij noemen dat het minimaliseren van risico om aansprakelijk gesteld te worden en schadeclaims te krijgen.
CIMG0044Juridische instrumenten  De 67 burgerinitiatieven die we onderzocht hebben spelen zich bijna allemaal af in de openbare ruimte of in publiek toegankelijke (gemeentelijke) gebouwen. De gemeente is daarmee als juridisch eigenaar in beeld als het gaat om aansprakelijkheid. Hoe gaan gemeenten om met het risico om aansprakelijk gesteld te worden bij al die prachtige Do It Yourself activiteiten? Iedere gemeente heeft een viertal juridische instrumenten, die zij gebruikt als zij met een burgerinitiatief in aanraking komt. Soms wordt er een vergunning verleend, bijvoorbeeld bij een evenement of activiteiten. Soms wordt er een overeenkomst gesloten, bij het gebruik van een stuk groen of (leegstaand) gebouw. Bij meer kleinschalige bottom-up initiatieven past de gemeente gemakkelijk een gedoogconstructie toe. Ten slotte komt het ook voor dat de gemeente actief meewerken aan een burgerinitiatief, en wel zo dat zij precies de meer risico-volle onderdelen van het initiatief voor hun rekening neemt. Wij hebben deze actieve samenwerking “adopteren” van het maatschappelijk initiatief genoemd.
Neem bijvoorbeeld de Tjitskespeeltuin in Amsterdam Noord. De bewoners beheren deze speeltuin zelf, met de inzet van vrijwilligers en materieel. Stadsdeel Noord zorgt voor het beheer en onderhoud van de speeltoestellen, want die toestellen staan vast in de gemeentegrond en zijn daarmee gemeentelijk eigendom (geworden). En het beheer en onderhoud rond spelen is ook nog eens uitgebreid geregeld per wet. Stadsdeel Noord zorgt voor veilige speeltoestellen en voorkomt zo actief dat – als er een ongeluk gebeurt – zij de rekening (schadeclaim) krijgt. In feite een vorm van risico-management door de gemeente, om ongelukken te voorkomen, maar vooral om de kans op schadeclaims te minimaliseren.
stoplichten met tekstRisico-inschatting  Is aansprakelijkheid voor de gemeente een belemmering als zij met burgerinitiatieven omgaat? Nee, gemeenten weten dat aansprakelijkheid speelt en zetten de vier genoemde juridische instrumenten in om het risico om aansprakelijk gesteld te worden te beheersen. Daarmee worden de juridische instrumenten in de behandeling van burgerinitiatieven juridische strategie├źn. Risico-inschatting van ieder initiatief is belangrijk. In ons onderzoek hebben we de bottom-up activiteiten in vijf groepen verdeeld en per groep bekeken wat de risico-scores zijn. De groepen zijn: zelfbeheer groen, spelen en speelvoorzieningen, zelfbeheer gebouwen, tijdelijk gebruik van lege ruimte, en als laatste evenementen en andere feestjes. Vervolgens hebben we een groene, oranje en rode zone toegevoegd (zie figuur).
Uit deze ordening blijkt dat meer dan 60% van de onderzochte initiatieven een zeer lage risico-inschatting te hebben. Het gaat dan om kleinschalige, niet-complexe activiteiten van burgers. Ook blijkt die lage risico-score binnen iedere groep burgerinitiatieven voor te komen. Onze conclusie hierbij is dat voor gemeenten er geen enkele reden is om – vanuit de bril van aansprakelijkheid bekeken – dergelijke initiatieven te belemmeren. Sterker nog, hier zou juist nog veel meer ruimte gegeven kunnen worden. Uit de analyse van de oranje zone blijkt dat het hier om initiatieven gaat met iets meer complexiteit, bijvoorbeeld zelfbeheer van een buurthuis en activiteiten die vergunningsplichtig zijn. Hier stellen wij voor om de risico-inschatting te verlagen door regels op te rekken en experimenten en onderzoek te doen. De laatste en kleine groep initiatieven in de rode zone betreft grootschalige, risicovolle evenementen, maar ook initiatieven die tijdelijk zijn. De enige reden voor een hoge risico-inschatting die wij hebben ontdekt gaat over onbekendheid met de juridische wereld van de tijdelijkheid. Dat kan veel beter volgens ons. Maatwerk en professioneel werken zijn hier de sleutelwoorden om met deze bottom-up activiteiten om te gaan. Weten hoe het zit en snappen wat je doet als gemeente.
2013-11-18 15.37.11Wolk van juridische regels  Want burgers zelf krijgen met hun activiteiten te maken met een wolk van gemeentelijke juridische regels. Dat schrikt af, kost tijd en is ook, in hun ogen, overbodig. De mensen van de tijdelijke moestuin De Halte in Terwijde Utrecht kunnen alleen een gebruiksovereenkomst tekenen, als zij een formeel rechtspersoon worden. Terwijl om voor een gemeentelijk bijdrage in aanmerking te komen zoiets niet nodig is. Het gebruikscontract is dan ook nog bijzonder complex en diverse juridische zaken wat betreft aansprakelijkheid worden in de schoenen van de moestuiners geschoven. De tuinmannen en -vrouwen van Moes31 in IJburg Amsterdam hebben juist niets getekend of opgesteld. Daar heerst een heuse aanspreekcultuur. Hoe kan eenzelfde activiteit als stadslandbouw en moestuinieren nu zo verschillend geregeld zijn?
Dat hangt deels samen met onze constatering dat veel burgers geen idee hebben hoe die juridische wereld van risico’s, schade en aansprakelijkheid eruit ziet. Zij voelen zich wel verantwoordelijk, maar aansprakelijk? Terwijl zij dat wel zijn, want – zoals hierboven aangegeven – voor de wet is iedereen aansprakelijk voor het eigen handelen. De groep die aan het tuinieren slaat zou ervoor moeten zorgen dat er geen ongelukken gebeuren, met de vrijwilligers of met de bezoekers. De groep heeft een zogenoemde zorgplicht richting anderen. Dat gaat veel verder dan een bordje plaatsen “Betreden op eigen risico”. Iedereen onder de vrijwilligersverzekering brengen werkt voor vrijwilligers, maar niet voor bezoekers. En zo zijn er nog diverse zaken die “geregeld” zouden moeten worden en afleiden van de eigenlijke activiteiten.
Gemeenten aan zet  Is aansprakelijkheid dan een drempel voor maatschappelijke initiatieven en activiteiten? Nee, want niet aansprakelijkheid maar die wolk van juridisch gedoe is belemmerend, omdat je er eigenlijk niets mee te maken wilt hebben maar het wel belangrijk is om te weten en te regelen. Hier mag wat ons betreft de gemeente laten zien dat het menens is met de Participatiesamenleving. Ofwel, vanuit de overheid serieus werk maken om burgers ook het juridisch gereedschap in handen te geven om hun eigen bijdrage te kunnen leveren. Of dat allemaal niet te doen en als overheid de risico’s van maatschappelijke initiatieven op je te nemen, door het simpelweg te gedogen. Maar niet, zoals nu gebeurt, burgers verleiden en aanzetten om zelf een maatschappelijke bijdrage te leveren, zonder bagage met kennis van risico’s en aansprakelijkheid. Do It Yourself maar!